Wanneer complementair?

Indien de klacht van dusdanige aard is dat deze al snel leidt tot verergering of permanente schade of zelfs levensbedreigend is, dient u zo snel mogelijk een afspraak te maken met uw huisarts of specialist of u naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis te haasten. Dergelijke acute klachten horen thuis bij de reguliere arts of de spoedeisende hulp van het ziekenhuis. Uw huisarts en de farmaceutische industrie hebben fantastische technieken en middelen in huis die de meeste aandoeningen kunnen stabiliseren.

Het zijn juist de zeurende, chronische klachten en de steeds weer terugkerende klachten die om een verklaring van de oorzaak vragen. Weet uw huisarts het niet meer, gebruikt u pijnstillende of ontstekingsremmende middelen, krijgt u langdurig medicatie voorgeschreven of zoekt u een ‘second opinion’, dan is een goed geschoolde complementaire therapeut zeer geschikt.

Onduidelijke oorzaak; acuut versus chronisch

Is de oorzaak van uw klacht onbekend, dan bent u in het algemeen beter af met een alternatief geschoolde therapeut. Is uw klacht eerder acuut, bezoekt u dan uw huisarts. Een paar voorbeelden ter verheldering:

Acuut

‘Elke hap die ik eet, komt er meteen weer uit’ is een klacht voor de reguliere arts, net als oplopende koorts, bloedingen, SOA's, een gebroken arm of plotselinge buikkrampen. Met andere woorden: snel escalerende of ontsporende klachten moeten eerst door een arts/specialist/ziekenhuis gestabiliseerd worden voordat een complementaire therapeut u verder kan helpen! Ook aandoeningen als kanker en AIDS moeten onder reguliere controle blijven. Wel zijn in dit soort gevallen ondersteunende therapieën mogelijk en zinnig.

Voor chronische klachten als

is een complementaire behandeling meestal geschikter.